27 april 2021 | Een koninklijke route

Vandaag is een dag met een goudoranje randje en dat vraagt om Vorstelijk Wandelen. Dus kies ik voor wandelroute De Horsten uit de gelijknamige wandelgids van uitgeverij Gegarandeerd Onregelmatig. De route leidt over een aaneenschakeling van landgoederen. Het gpx-bestand haal ik online van Wandelzoekpagina. Met een lengte van 15 kilometer is het in een middag goed te doen.

Meteen na aankomst op de parkeerplaats van De Horsten in Wassenaar verruil ik de aantrekkingskracht van het landgoed voor de drukte van het autoverkeer op de provinciale Papeweg. Het gps-apparaat dicteert immers de weg. Via het 'Soldaat-van-Oranje'-tunneltje onder de Rijksstraatweg bereik ik het dorp Wassenaar. Al zijn de huizen hier gemiddeld groter met een ruimere afstand tot elkaar, verder lijkt het een gewoon dorp: er wordt op deze zonnige dag geklust aan het huis of in de tuin, mensen doen een boodschap of laten de hond uit. Een geliefde plek om dat laatste te doen is op Landgoed De Pauw, het eerste landgoed van mijn tocht. Waar de Baadster tot kuithoogte in de vijver bij het Raadhuis staat, steek ik het bruggetje over. Wegwijsbordjes laten me weten dat ik een gedeelte van de fietsroute Landgoederen volg. Gelukkig is het pad breed genoeg zodat we elkaar nauwelijks hinderen.

Via de Pauwlaan wandel ik van landgoed Beukhaghe het landgoed Backershagen binnen. De betrekkelijke drukte laat ik achter me. Het is vorstelijk lopen onder de imposante bomen. Vogels kwetteren en spechten roffelen. Wat opvalt, is dat het geluid van het autoverkeer op de parallel gelegen N44 nergens hinderlijk is. Maar het is dan ook een feestdag, geen werkdag. Verderop bij het Hertenhuisje ga ik rechts zodat ik nog wat langer kan slenteren over de lanen en langs de waterpartijen van de hand van de 19e eeuwse tuinarchitect Zocher Jr. Ik klim tot grote hoogte naar de gerestaureerde theekoepel op het kunstmatig aangelegd 'duin'. Echt of niet, op deze warme voorjaarsdag is het een pittige klim naar boven. Van bovenaf kijk ik terug op de slingerende waterpartij. Als wandelaar voelt het rijk om over deze groene eilandengroep te kunnen lopen. Waar vind je dat nog meer midden in de Randstad?





Van Backershagen kom ik op de Rust en Vreugdlaan en sta oog in oog met het verpauperde Huize Ivicke waar veel over te doen is geweest. Het is een pijnlijk contrast met de omgeving, gevolg van juridisch getouwtrek in een bijzondere driehoeksverhouding tussen eigenaar, gemeente en krakers. Het monumentale pand kraakt ervan in al zijn voegen. 


Via de Menkenlaan loop ik door het park Rust en Vreugd en slinger in westelijke richting zodat ook kasteel Oud-Wassenaar in beeld komt. En met mijn rug naar een Mariabeeldje, opgehangen in een oude, opengevallen boom, zie ik voorbij het water de hoge kerktoren van de katholieke Goede Herderkerk. 










Het eerste deel van de route, ten westen van de Rijksstraatweg/N44 is een en al historie, zowel in bomen als gebouwen. Dit lijkt afgelopen als ik via het fietsers- en voetgangerstunneltje aan de Houtlaan - bellen in de bocht! - de N44 passeer. Terwijl de fietsers fanatiek bellen in de onoverzichtelijke bocht is het gek om te bedenken dat die drukke, doorgaande weg boven ons hoofd een landgoederenzone zo ingrijpend van elkaar heeft gescheiden en het forensenverkeer zich dagelijks over deze onnatuurlijke grens van en naar Den Haag perst. Ik ben een van die forenzen en sta er nu pas bij stil omdat ik wandel.  

Ik vervolg mijn route via de Raaphorstlaan, deels een relatief jonge buitenwijk van Wassenaar. Daar waar Eikenhorst begint, ga ik rechts. Ik volg de lange Horst- en Voordelaan in zuidoostelijke richting. Het landelijke weggetje is druk met fietsers. Rechts van me zie ik regelmatig de skyline van Den Haag boven het polderlandschap opduiken. Het is een vreemd contrast. Het knotwilgenpaadje brengt me van de doorgaande weg en loop ik alle rust tot aan landgoed Ter Horst.







Bij de poort met de twee stenen leeuwen koop ik online een toegangsbewijs, er is geen automaat. Voor de toegang tot de Horsten, het samenstel van de Wassenaarse Raaphorst en Eikenhorst en het Voorschotense Ter Horst, is 1 euro een goed besteed bedrag. Op Ter Horst wordt gewerkt, ook vandaag, aan Jachthuis, Koetshuis,  dienstwoningen en park. Zo zie ik gestort puinkorrel op de paden, restanten van bouw- en sloopmateriaal. De wandelaar moet niet opkijken als deze tussen de grof gemalen tegels, baksteen en beton ook restanten van pluggen, worteldoek en andere kunststofmaterialen terugziet.



Ik verlaat de brede lanen voor een natuurlijker deel van het landgoed: het modderpad. Het doet me denken aan het laarzenpad in het hakhoutbos van landgoed Keukenhof in Lisse. Van het modderpad, wat door droogte gelukkig niet modderig is, kom ik verderop bij het Molenpad. Ik loop inmiddels weer 'omhoog', in westelijke richting. Dit idyllisch gelegen smalle boerenpad tussen de weilanden over water brengt me terug op de Raaphorst en opnieuw in parkachtig landschap. Heel bijzonder is de Seringenberg, een 20 meter hoog 'duin' met uitzichtpunt. De helling is beplant met seringen. Stiekem had ik gehoopt op een paarse, geurende heuvel maar op enkele paarse vlekken na heeft de bloei nog niet doorgezet. Dat vraagt om snel terugkomen. Langs het theehuis ben ik terug bij de parkeerplaats. Ik liep een koninklijke wandeling op een koninklijke dag.








Geen opmerkingen:

Een reactie posten